Inleiding
Een uitnodiging tot een andere manier van lezen
Veel lezers openen een boek over leiderschap met een stille verwachting. Dat er iets wordt aangereikt. Een inzicht om toe te passen. Een oefening. Een richtingaanwijzer. In een wereld waarin ontwikkeling vaak wordt gezien als iets wat je kunt plannen, bijsturen en optimaliseren, is dat een begrijpelijke houding.
Dit boek vraagt iets anders van je.
Niet omdat oefenen, reflecteren of zelfontwikkeling hun waarde hebben verloren. Maar omdat er momenten zijn waarop verdere beweging niet ontstaat door iets toe te voegen. Momenten waarop doen niet meer helpt. Waar zelfs zelfsturing en zelfleiderschap even mogen rusten.
Dit boek is geschreven voor die momenten.
De hoofdstukken die volgen bieden geen opdrachten om uit te voeren en geen stappen om te doorlopen. Ze willen niets van je maken. Wat ze wel doen, is ruimte openen. Ruimte om waar te nemen wat zich al afspeelt — in jezelf, tussen mensen, en in de systemen waarin je werkt en leeft.
Die ruimte is niet leeg. Ze is aandachtig.
In plaats van oefeningen vind je hier vensters. Passages waarin iets zichtbaar kan worden, zonder dat het meteen hoeft te worden benoemd of vastgelegd. Sommige zinnen zullen resoneren. Andere misschien niet. Wat blijft hangen, blijft. Wat niets oproept, mag voorbijgaan. Deze manier van lezen vraagt geen inspanning, maar een lichte verschuiving. Van zoeken naar toepasbaarheid naar het toelaten van herkenning. Van begrijpen naar het opmerken van wat zich aandient.
Van de vraag “wat moet ik hiermee?”
naar “wat raakt hier iets in mij?”
Misschien merk je tijdens het lezen de neiging om iets te willen doen met wat je tegenkomt. Om het te vertalen naar actie, verandering of verbetering. Als dat gebeurt, hoef je dat niet tegen te houden. Je mag het alleen even opmerken — en dan weer terugkeren naar het lezen zelf.
Dit boek wil niet dat je iets wordt.
Het nodigt je uit om even te zijn bij wat zich toont.
Lees het daarom niet om verder te komen, maar om te vertragen waar je anders zou versnellen. Niet om jezelf te sturen, maar om te luisteren naar wat zich al aandient. Wat zich daarna ontvouwt, laat zich niet plannen. En misschien is dat precies de ruimte waarin leiderschap zich opnieuw kan laten zien.